computational thinking

Computational thinking richt zich op de vaardigheden die nodig zijn om problemen op te lossen waarbij veel variabelen, informatie en rekenkracht nodig zijn. Het is belangrijk om te begrijpen hoe informatie tot stand komt zodat je computersystemen kan inzetten voor het oplossen van problemen.

Op school heb ik gewerkt met oa swift playgrounds, beebots en skratch om kinderen leren te programmeren.

Swift playgrounds

Met de vernieuwende iPad-app Swift Playgrounds leer je op een interactieve en leuke manier programmeren. Er is geen programmeerkennis nodig, dus ideaal voor als je net begint. Door puzzels op te lossen leer je de beginselen met Swift, een door Apple ontwikkelde programmeertaal waarmee professionals populaire apps maken. Ga daarna nieuwe uitdagingen aan die zijn bedacht door Apple en andere toonaangevende developers.

Bee bot

Beetbots zijn vooral voor jongere kinderen leuk om mee aan de slag te gaan, door op de knoppen bovenop de bot te drukken kanje hem laten lopen en draaien. Kinderen moeten vooraf nadenken over hoe ze de beebot van a naar b krijgen. In dit project kregen de kleuters een les over de beetbot aan de hand van het verhaal “de Gruffalo” de kinderen leren hadden in deze klas al vaker met de beetbot gewerkt. Ze mochten een “beetbot shell” maken van de gruffalo, vervolgens moesten ze met de beebot het verhaal naspelen om een speciaal gemaakte beebot map die ik speciaal voor deze les ontworpen heb.

computational thinking

1.4.1 De leerkracht toont aan problemen op een dusdanige wijze te kunnen formuleren zodat een computer of ander hulpmiddel gebruikt kan worden om het probleem op te lossen.

1.4.2 De leerkracht toont aan gegevens te kunnen verzamelen, te filteren op bruikbaarheid, te kunnen analyseren en resultaten te visualiseren.

1.4.3 De leerkracht toont aan een complexe taak of probleem op te kunnen delen in kleinere eenheden om resultaten vervolgens weer samen te voegen.

1.4.4 De leerkracht toont aan kennis te hebben van automatisering, algoritmes, procedures, parallellisatie, abstractie, simulatie en modellering.